Weekje stappen……….

8 - 15 oktober, Zernez Zwitserland.

We zijn een weekje wezen stappen. Natuurlijk eerst met de caravan op pad gegaan, naar Zwitserland helemaal. Op de tussenstop in Oostenrijk hebben we geprobeerd ons in te lopen door te gaan proefstappen, maar dat beviel niet echt. Als de weg omhoog of omlaag ging, stapten wij op ons Nederlandse tempo door en dus een stapje te hard.

Maar eenmaal op zaterdag 8 oktober in Zwitserland, in Zernez, aangekomen stonden Ton en Anneke Keijzer ons op te wachten tezamen met Jos en Aat Vink. Op de mooie zonnige camping Cul met veel ruimte en zon.

Zondagavond, tijdens de opening van de rally maakte Ton het plan voor de maandag bekend: met de auto naar Val Susauna (1640 m.), lopen door dit mooie ongerepte dal tot Alp Funtauna (2190 m.) Hoogteverschil 550 m., duur circa 6 uur. Dat zou dan onze eerste wandeling in de echte Alpen worden…., Ton sprak over inlopen!

Best spannend. Kunnen we dat wel aan en hoe gaat het ademhalen boven de 1800 m hoogte?? En dan die rugzak met de min of meer verplichte attributen als gevulde knapzak (we kregen een hele mooie van Anneke), drinken, regenpak, pleisters en wat een mens verder denkt bij zich te willen hebben… Maar we stapten die maandagochtend op de schappelijke tijd van half tien in een eerst wat gezapig lijkend tempo achter Ton het dal in en het ging langzaam maar gestaag omhoog.

Voor één equipe bleek de lat wat te hoog te liggen en zij gingen terug. Maar de rest liep als een speer en genoot van de lucht, van de klaterende beek, van de kleuren van de lariksen op de hellingen, van elkaar, van de boomstammen over de beek die als brug werden gebruikt, van…alles eigenlijk! Na ieder uur een rustpauze van een kwartier of zo en best vlug kwamen we drie uur later aan bij de grote hut op de Alp. De voorste vluggerts ontvingen de anderen natuurlijk met de nodige sneeuwballen; dat doe je dus ook als je de 5 of 6 kruisjes al (lang) bent gepasseerd.

Deze dagen met een uur of zes, zeven wandelen leverden op dat we ’s middags dik voor drieën terug waren en dan ontstond er in de zon en tussen de caravans een ronde tafel conferentie. Dat wil zeggen zo ongeveer de hele groep, al of niet met de benen omhoog, zat in een kring op de luie stoel rond een aantal tafels lekker in de zon thee (of iets anders) te drinken en na te praten. En het leek wel tovenarij, want opeens waren daar de koekjes en de zoutjes. Het ene schaaltje linksom het andere rechtsom, elkaar passerend en nog maar een rondje doen….

 Zo’n wandelgebeuren brengt de mensen heel snel bij elkaar. Tijdens het lopen praat ieder met een ieder over van alles en nog meer en dat gaat ’s middags zo nog even door.
Dan gaat tegen half vijf de zon weg, de temperatuur zakt heel snel een graad of tien en hups, allemaal naar binnen. Om half negen ’s avond vertelt Ton bij de vlaggenmast zijn snode plan voor de volgende dag en kort daarna is het zeer stil op de camping…op een enkel gesnurk na dat gedempt naar buiten klinkt…

Heel langzaam verschoof Ton het starttijdstip naar voren zodat we op donderdag dus in het donker van de camping wegreden. Om 8 uur liepen we al over een deels bevroren pad het Val Trupchun in.
Dit dal ligt in het nationale park waar de mensen al ruim 80 jaar de natuur haar gang laten gaan. Wat je daar ziet aan boomvormen en (herfst)kleuren, het is bijna overweldigend. Net als de andere dagen doe je niet anders dan kijken: waar je loopt natuurlijk, maar vooral ook kijken naar links en naar rechts, naar boven en naar beneden. Dicht bij en ver weg, overal is veel te zien: verre uitzichten en soms diepe inzichten, vlakke kleuren en heldere oranjerode lariksen scherp afstekend tussen het groen.

 

Tekst: Jan Berghuis
Foto’s:  Anneke Keijzer

Verderop in het dal zagen we ook gemzen hoog op de hellingen en zelfs steenbokken, wel ver weg maar deze laatste op de bergkam toch scherp afstekend tegen de helderblauwe lucht. En terwijl wij tegen de middag al weer op de terugweg waren kwamen de “dagjesmensen” nog het dal in, sommige van hen gewapend met grote telelenzen.

En passant leerde Ton ons deze week wat technieken aan: hoe te lopen op een helling, hoe een lawinegoot met steengruis over te steken, hoe op gladde, natte steen naar beneden te gaan, alles bleek nodig en zeer effectief te zijn.

Wij hebben deze week echt onze grenzen verlegd en er nog ontzettend van genoten ook. We willen dan ook de reis- en vooral de wandel- leiding nogmaals bedanken. Wel vragen we ons nu nog af hoe dat weerlijntje naar boven van de Keijzers werkt, omdat we in plaats van de normale drie mooi weer dagen per week nu wel zeven prachtige dagen hebben kunnen stappen…..